Clubpartners steunen AAC-teams en evenementen. Bekijk huidige partners

Menu
16 april – 12 december 1965

Een eigen thuis bouwen.

De Club van 100 begon in 1962 met een plan voor Ookmeer. Drie jaar later opende AAC een eigen veld en clubhuis op De Eendracht.

← Terug naar het archief

Geen eigen veld

Het verslag van De Telegraaf van april 1965 zegt het onomwonden: AAC had tot dat moment geen eigen veld en geen eigen clubhuis. De rugbyafdeling bestond toen al bijna 35 jaar.

In een clubherinnering beschrijft Pieter Tolsma de jaren vijftig rond Sportpark Olympiaplein: trainen en spelen zonder clubhuis, met een slechte kleedbarak.

Eerst was Ookmeer het plan

In oktober 1962 meldde Het Parool dat de Club van 100 in negen maanden meer dan ƒ12.000 had opgehaald voor een eigen terrein dat toen op Sportpark Ookmeer was gepland. Het idee kwam van Nico van Galen; Louis Höhle en Jan van Lunteren leidden de actie.

Dertig spelers zegden bij de eerste bijeenkomst ƒ3.000 toe. Een zaterdag bouwarbeid bracht ƒ500 op, andere Nederlandse rugbyclubs droegen meer dan ƒ1.400 bij en uit Engeland kwam ƒ200. AAC speelde tijdelijk in Diemen en had veel eerdere thuiswedstrijden in het Gooi afgewerkt.

Het permanente terrein kwam uiteindelijk niet op Ookmeer maar op De Eendracht. De bronnen bewijzen beide plannen op hun eigen datum; ze leggen niet vast wanneer of waarom de gemeente de locatie veranderde.

35
leden in de afdeling
ƒ80–85k
eigentijdse bandbreedte
30
HRC won de openingswedstrijd

Hoe het geld werd opgehaald

Op 16 april 1965 sloeg Jan van Lunteren de eerste heipaal voor het clubhuis, naast het nieuwe veld op Sportcomplex De Eendracht. De krant noemt de geldwervende organisatie de Amsterdamse Rugby Sociëteit: dertig leden betaalden ieder eenmalig ƒ100.

Twee eigentijdse bedragen blijven bewust naast elkaar staan: in april werd het clubhuis op circa ƒ85.000 geraamd; in december was ongeveer ƒ80.000 ingezameld. Leden schrapten reizen naar Engeland en Duitsland en schonken het reisgeld, groeven zelf uit en ontroestten, schilderden en menieden het staal. Architect Trapman ontwierp het clubhuis.

Het geld kwam uit vier bronnen:

  • Een Club van 100
  • Demonstraties
  • Oudpapieracties
  • Werk dat de leden zelf op de bouwplaats deden

Spelen voor de opening

AAC speelde al op het complex voordat het officieel in gebruik werd genomen: op 1 november 1965 werd er gespeeld. April, het najaar en december horen bij elkaar als een reeks, niet als één verhuisdatum.

De opening

Wethouder mr. P. A. Koets opende het clubhuis op zaterdag 11 december 1965. Op zondag 12 december werd het veld officieel in gebruik genomen; HRC won de openingswedstrijd met 3–0.

Het openingsartikel bevat ook een historische ontwerptekening van het clubhuis. Die blijft bij de krant als bronbeeld ↗ totdat de beeldrechten zijn vastgesteld.

Drie leren ballen

In dezelfde clubherinnering vertelt Pieter Tolsma dat AAC ooit maar drie leren rugbyballen bezat. Elke week reeg Henk Knoop ze los, pompte ze met de hand op, bond en naaide ze dicht en vette hij het leer in.

Knoop werd in 1965 internationaal scheidsrechter en hielp de Club van 100 opzetten die het clubhuis betaalde. Deze details komen uit toegeschreven clubherinnering, niet uit een eigentijds krantenverslag.

1965, niet 1997

De Eendracht werd in 1965 het thuis van AAC. Het Nationaal Rugbycentrum Amsterdam volgde in 1997 op hetzelfde complex. Dat zijn twee gebeurtenissen, ruim dertig jaar uit elkaar.

De reeks in het kort

  • 16 april 1965: eerste heipaal voor het clubhuis geslagen
  • 1 november 1965: AAC speelt al op het nieuwe complex
  • 11–12 december 1965: clubhuis geopend, veld in gebruik genomen, HRC wint met 3–0
  • 1997: het Nationaal Rugbycentrum opent op hetzelfde complex

Bronnen. Het Parool, 24 oktober 1962, voor het Ookmeerplan, de initiatiefnemers en de eerste geldwerving; De Telegraaf, 15 en 20 april 1965, voor de heipaal, het bedrag en de acties; De Telegraaf, 10 en 13 december 1965, voor de opening van het clubhuis op 11 december en de officiële ingebruikname van het veld op 12 december. Alle via Delpher. De ballen en het scheidsrechterschap komen uit de clubherinnering van Pieter Tolsma en zijn toegeschreven clubgeheugen. De foto van AAC tegen DSR-C uit 1965 blijft bij de externe bron staan zolang de gebruiksrechten niet zijn geregeld.