Geen eigen veld
Het verslag van De Telegraaf van april 1965 zegt het onomwonden: AAC had tot dat moment geen eigen veld en geen eigen clubhuis. De rugbyafdeling bestond toen al bijna 35 jaar.
In een clubherinnering beschrijft Pieter Tolsma de jaren vijftig rond Sportpark Olympiaplein: trainen en spelen zonder clubhuis, met een slechte kleedbarak.
Eerst was Ookmeer het plan
In oktober 1962 meldde Het Parool dat de Club van 100 in negen maanden meer dan ƒ12.000 had opgehaald voor een eigen terrein dat toen op Sportpark Ookmeer was gepland. Het idee kwam van Nico van Galen; Louis Höhle en Jan van Lunteren leidden de actie.
Dertig spelers zegden bij de eerste bijeenkomst ƒ3.000 toe. Een zaterdag bouwarbeid bracht ƒ500 op, andere Nederlandse rugbyclubs droegen meer dan ƒ1.400 bij en uit Engeland kwam ƒ200. AAC speelde tijdelijk in Diemen en had veel eerdere thuiswedstrijden in het Gooi afgewerkt.
Het permanente terrein kwam uiteindelijk niet op Ookmeer maar op De Eendracht. De bronnen bewijzen beide plannen op hun eigen datum; ze leggen niet vast wanneer of waarom de gemeente de locatie veranderde.